5.1.1

Hoogwaterbeschermingsprogramma

In ons land bieden de primaire waterkeringen bescherming tegen overstromingen uit de Noordzee, de grote rivieren, het IJsselmeer, het Markermeer, het Volkerak-Zoommeer, het Grevelingenmeer, het getijdendeel van de Hollandsche IJssel en de Veluwerandmeren. Sinds 1 januari 2017 wordt elke twaalf jaar een wettelijke beoordeling of ‘toetsing’ van de primaire waterkeringen uitgevoerd om na te gaan of de waterkeringen aan de wettelijke normen voldoen. De rapportage over de recentste (derde) toetsing is in 2011 opgesteld, waarna in 2013 de verlengde derde toetsronde volgde. In het nationale Hoogwaterbeschermingsprogramma staan de maatregelen die nodig zijn om de primaire waterkeringen aan de wettelijke veiligheidsnorm te laten voldoen, nu en in de toekomst. De waterschappen en het Rijk stellen als alliantie gezamenlijk het Hoogwaterbeschermingsprogramma op. De beheerder van het betreffende dijktraject voert de dijkverbetering uit.

Waterschappen hebben – onder voorwaarden – recht op subsidie voor dijkversterkingsprojecten. Dit wordt gefinancierd uit een specifieke ‘dijkrekening’ die onderdeel is van het Deltafonds. De financiering van de projecten gebeurt op basis van een gelijke bijdrage van Rijk en waterschappen (50%-50%). De waterschappen dragen als collectief 40% bij aan de dijkrekening (via een kostenverdeelsleutel). De overige 10% betreft een projectgebonden bijdrage van het waterschap dat verantwoordelijk is voor de dijkversterking.

Het Hoogwaterbeschermingsprogramma is een voortrollend programma met een programmering van zes jaar. Het programmadoel is alle waterkeringen in 2050 aan de nieuwe norm te laten voldoen. Daarmee heeft iedereen die in Nederland achter een primaire waterkering woont, uiterlijk in 2050 ten minste een beschermingsniveau van 10-5 per jaar. De minister van Infrastructuur en Milieu stelt jaarlijks het programma vast als onderdeel van het Deltaplan Waterveiligheid. De alliantie stelt daartoe ieder jaar een nieuw programmerings­voorstel op dat voortbouwt op de programmering van het voorgaande jaar. Uitgangspunt bij het programmeren is dat de urgentste dijkversterkingen als eerste in uitvoering gaan. De nieuwe normering die sinds januari 2017 van toepassing is, vormt het uitgangspunt voor het bepalen van de urgentie. Een doelmatige, sobere uitvoering is de basis voor de subsidiering van de dijkversterkingsprojecten uit de dijkrekening.

Het huidige beeld van de veiligheidsopgave is tot stand gekomen via de (verlengde) derde toetsronde; prioritering heeft plaatsgevonden aan de hand van de gegevens uit de studie Veiligheid Nederland in Kaart deel 2. De veiligheids­opgave wordt de komende jaren steeds verder aangescherpt naarmate meer beoordelingen op basis van de nieuwe normering beschikbaar komen. In 2023 is de landelijke beoordeling van alle primaire waterkeringen en kunstwerken gereed. Op dat moment kan het Deltaplan Waterveiligheid een geactualiseerd beeld van de veiligheidsopgave voor Nederland geven, gebaseerd op de nieuwe normering. De komende jaren vormen voor het Hoogwaterbeschermingsprogramma een overgangssituatie: de programmering omvat dijkversterkingen die voortkomen uit de (verlengde) derde toetsronde met de oude normering (veelal in uitvoering) en er komen geleidelijk nieuwe dijk­versterkingen bij op basis van de eerste beoordelings­ronde met de nieuwe normering. De dijk­versterkingen die op basis van toetsing aan de oude norm versterkt worden, worden gedimensioneerd volgens de nieuwe normen.

Waterveiligheid met meerwaarde

In het Deltaplan Waterveiligheid staat de water­veiligheids­opgave vanzelfsprekend voorop, maar de werkwijze van het Hoogwater­beschermings­programma is erop gericht om met de projecten ook maatschappelijke meerwaarde op andere gebieden te creëren. De waterbeheerders leveren met de uitvoering van dijkversterkingsprojecten een bijdrage aan gebieds­ontwikkelingen door te anticiperen op de regionale voorkeurs­strategieën, door voorafgaand aan de project­uitvoering verschillende opgaven in de regio slim te combineren, door ruimte te bieden voor meekoppelkansen en door bewoners, belang­hebbenden en bedrijfsleven vroegtijdig te betrekken.

Dijkversterking in kilometers per jaar

Het Hoogwater­beschermings­programma heeft als doel de primaire waterkeringen op orde te brengen. De veiligheids­opgave bestaat op dit moment uit de verbetering van in totaal 1.302 kilometer dijk en 799 kunstwerken (op basis van de derde landelijke toetsing). De verbetering van 748 kilometer dijk en 275 kunstwerken is onderdeel van het Hoogwater­beschermings­programma. De rest van de veiligheidsopgave is onderdeel van andere lopende uitvoerings­programma’s.

De figuren 8 en 9 geven een prognose van de uitgevoerde dijkversterkingen en kunstwerken. Beide figuren laten zien dat het aantal uitgevoerde verbeteringen na de opstartjaren sterk toeneemt. Het Hoogwaterbeschermingsprogramma is op stoom aan het komen.

Figuur 8

Prognose van de uitvoering van dijkversterkingen in het Hoogwater­beschermings­programma in kilometers. Gegevens van de jaren 2016-2022 zijn gebaseerd op de realisatie in 2016. Het jaar 2023 is gebaseerd op het voorgestelde programma 2018-2023.

Figuur 9

Prognose van de uitvoering van verbeteringen van kunstwerken in het Hoogwaterbeschermingsprogramma. Gegevens van de jaren 2016-2022 zijn gebaseerd op de realisatie in 2016. Het jaar 2023 is gebaseerd op het voorgestelde programma 2018-2023.

Doorlooptijd en gemiddelde prijs per kilometer

De alliantiepartners van het Hoogwater­beschermings­programma werken aan slimme en gedragen oplossingen. Daarbij is het streven de doorloop­tijden van dijkversterkings­projecten te verkorten en de kilometerprijs te verlagen:

  • doorlooptijd projecten: het Hoogwater­beschermings­programma hanteert als doorloop­tijden twee jaar voor verkenning, twee jaar voor plan­uitwerking en twee jaar voor realisatie (conform de MIRT-systematiek). Voor projecten die duurder zijn dan € 40 miljoen gelden termijnen van drie jaar voor de plan­uitwerking en realisatie. Op de langere termijn wil het programma tot een halvering van de totale doorlooptijd van een project komen.
  • kilometerprijs: de gemiddelde kostprijs van dijkversterkingen in het Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma bedraagt € 9 miljoen per kilometer. Het streven van het Hoogwaterbeschermingsprogramma is een afname van 30% van de gemiddelde kostprijs, tot € 6 miljoen per kilometer.

Deze indicatoren zijn nog in ontwikkeling. De bijbehorende doelen zijn uitdagend, ambitieus en sturend voor het programma in de komende jaren. Het Hoogwater­beschermings­programma zit nog in de opstartfase en veel dijkversterkings­projecten verkeren nog in de verkenningsfase. Over enkele jaren komt een groter aantal dijkversterkingen in de planfase en realisatie. Dan komt voldoende kwalitatieve informatie beschikbaar om de kilometerprijs en de doorloop­tijd goed te monitoren. Tot die tijd zet de alliantie sterk in op kennisontwikkeling.

Kennisontwikkeling en innovatie noodzakelijk

(Technologische) innovaties en kennisontwikkeling bij de beheerders vormen een belangrijke motor voor reductie van de kilometerprijs tot € 6 miljoen en halvering van de doorlooptijd van projecten. Het Hoogwaterbeschermingsprogramma heeft hiervoor onder meer deze twee instrumenten ingericht:

  • Projectoverstijgende Verkenningen (POV’s);
  • Communities of Practice.

Projectoverstijgende Verkenningen

Projectoverstijgende Verkenningen (POV’s) hebben als doel nieuwe kennis en innovatieve oplossingen te ontwikkelen die in meerdere projecten toepasbaar zijn. POV’s zijn daarmee voor het gehele Hoogwaterbeschermingsprogramma belangrijk om tot een betere uitvoering en tot slimmere, gedragen en ook goedkopere oplossingen te komen. Om innovatie en kennisontwikkeling te stimuleren, komt een POV voor 100% in aanmerking voor subsidiering uit het Hoogwaterbeschermingsprogramma; hiervoor geldt dus geen projectgebonden bijdrage van 10% van het waterschap.

Tabel 2 geeft een overzicht van de gestarte POV’s en de bijbehorende planning. In 2016 is de POV Centraal-Holland afgerond. Het resultaat is een versterkingsopgave die een plaats heeft gekregen in het reguliere programma. In 2018 wordt de POV Piping afgerond. Deze POV levert innovatieve maatregelen op tegen het faalmechanisme piping. Het programma 2018-2023 bevat de nieuwe POV Dijkversterking met gebiedseigen grond. Het doel is kennis en innovatieve oplossingen te ontwikkelen om dijken te versterken met grond die afkomstig is uit de directe omgeving. Deze kennis kan het programma ook duurzamer maken.

Ook in afzonderlijke projecten komen innovaties tot stand. In 2016 zijn negen projecten afgerond met een innovatief element. De POV’s en de innovatieve elementen van projecten dragen bij aan het streven om de gemiddelde kosten per kilometer dijkversterking te verlagen.


Uitkomsten POV Centraal-Holland

In 2016 is de POV Centraal-Holland afgerond, een belangrijke stap voor de veiligheid in een groot deel van de Randstad. De samen­werking tussen de waterschappen van Rijnland, Amstel Gooi en Vecht, De Stichtse Rijnlanden en Rijkswaterstaat heeft forse maat­schappelijke winst opgeleverd doordat de partijen een bovenregionale oplossing voor het veiligheidsprobleem van Centraal-Holland hebben gevonden. De eerder verwachte investering van meer dan € 1 miljard is daarmee gehalveerd. De partijen hebben tegelijkertijd praktijk­ervaring opgedaan met het nieuwe Ontwerp­instrumentarium en het beoordelen van waterkeringen volgens de nieuwe Waterwet. Uit de POV blijkt dat de Lekdijk tussen Amerongen en Schoonhoven over een lengte van circa 53 kilometer versterkt moet worden. Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden voert de dijkversterking uit met het project Sterke Lekdijk en werkt daarbij in de geest van de nieuwe Omgevingswet. In verschillende pilots zoekt het waterschap kansen om de dijk niet alleen sterker, maar ook mooier te maken. Dit gebeurt samen met bewoners, betrokken gemeenten, de provincies Utrecht en Zuid-Holland, Rijkswaterstaat en maatschappelijke partners als LTO en Staatsbosbeheer. De inzet is naast verbetering van de veiligheid ook optimale verbetering van de ruimtelijke, landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische kwaliteit te bereiken. De uitvoering van het eerste deeltraject start op zijn vroegst in 2020.


Tabel 2

Gestarte Projectoverstijgende Verkenningen en planning

Community of Practice

Het Hoogwater­beschermings­programma drijft op goede kennis. Het is belangrijk nieuwe kennis en ervaringen met elkaar te delen. Binnen het Hoogwater­beschermings­programma zijn de communities het middel om kennis te ontwikkelen en de samenwerking binnen de alliantie te bevorderen. Er zijn in totaal acht communities die zich vooral richten op de uitvoeringssystematiek van projecten. Dit kan gaan over technische toepassingen van innovatieve maat­regelen, maar ook over de aanpak van een dijk­versterkings­project of de manier waarop participatie van de omgeving invulling kan krijgen. De kennis­ontwikkeling in de communities draagt bij aan het streven om de doorlooptijd van projecten in de loop van de jaren te verkorten.

Tabel 3

Programmering maatregelen Deltaplan Waterveiligheid

Tabel 4

Maatregelen Bestuursovereenkomst Maas

Tabel 5

Reservering Voorfinancieringen

  1. Aanbiedingsbrief en adviezen deltacommissaris
  2. Inleidende samenvatting
    1. Doorwerken aan een duurzame en veilige delta
  3. Deel I Nationaal
  4. Voortgang van het Deltaprogramma
    1. Voortgang op basis van ‘meten, weten, handelen’
    2. Algemeen beeld van de voortgang
      1. Op schema
      2. Op koers
      3. Integrale aanpak
      4. Participatie
      5. Slagkracht van de regio’s
    3. Voortgang Waterveiligheid
    4. Voortgang Ruimtelijke adaptatie
    5. Voortgang Zoetwater
    6. Borging, kennis en innovatie, internationale samenwerking
      1. Borging
      2. Kennis
      3. Innovatie
      4. Internationaal
  5. Deltafonds
    1. Ontwikkelingen Deltafonds
    2. Middelen van andere partners
    3. De financiële opgaven van het Deltaprogramma
    4. Financiële borging van het Deltaprogramma
  6. Deel II Gebieden
  7. Voortgang per gebied
    1. IJsselmeergebied/zoetwaterregio IJsselmeergebied
    2. Rijnmond-Drechtsteden/­zoetwaterregio West-Nederland
    3. Rijn/zoetwaterregio Rivierengebied
    4. Maas
    5. Zuidwestelijke Delta/zoetwaterregio Zuidwestelijke Delta
    6. Kust
    7. Waddengebied
    8. Hoge Zandgronden Zuid en Oost
  8. Deel III Deltaplannen
  9. Deltaplan Waterveiligheid
    1. Uitvoeringsprogramma’s
      1. Hoogwaterbeschermingsprogramma
      2. Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma
      3. Ruimte voor de Rivier
      4. Maaswerken
      5. WaalWeelde
      6. Afsluitdijk
      7. Herstel Steenbekledingen Oosterschelde en Westerschelde en Vooroeverbestortingen Zeeland
    2. Rivierverruiming in samenhang met dijkversterking
    3. Onderzoeken volgend uit kennisagenda en in gebieden
  10. Kaart Deltaplan Waterveiligheid
  11. Deltaplan Zoetwater
    1. Maatregelen voor de beschikbaarheid van zoetwater in Nederland
  12. Kaart Deltaplan Zoetwater
  13. Deltaplan Ruimtelijke adaptatie
    1. Inleiding
      1. Aanleiding
      2. Doel en status van het deltaplan
      3. Totstandkoming in gezamenlijkheid
    2. Context
    3. Stand van zaken ‘weten, willen, werken’
      1. Wateroverlast
      2. Hittestress
      3. Droogte
      4. Gevolgen van overstromingen
      5. Huidige aanpak
    4. Wat we gaan doen: versnellen en intensiveren
      1. Visie: van nu naar 2050
      2. Ambitie en aanpak
      3. Tussendoelen
      4. Raamwerk landsdekkende governance ruimtelijke adaptatie
      5. Financiering
    5. Bijlage 1: Actieprogramma
    6. Bijlage 2: Uitkomsten regiobijeenkomsten en rondetafelgesprekken
  14. Achtergronddocumenten
    1. Achtergronddocumenten en downloads
  15. Colofon
    1. Colofon Deltaprogramma 2018
  16. Instructie gebruik Deltaprogramma 2018