1.1

Doorwerken aan een duurzame en veilige delta

Een veilige en duurzame delta is geen vanzelfsprekendheid. 60% van ons land is overstroombaar; een overstroming uit zee of een van de grote rivieren behoort tot de top vijf van de meest ontwrichtende rampen voor onze samenleving. 17% van onze economie is afhankelijk van zoetwater. De zeespiegel stijgt, de bodem daalt en de extremen in het weer nemen toe. We willen de bevolking en de economische waarden, die de afgelopen decennia flink zijn toegenomen, goed blijven beschermen. Dat stelt Nederland voor grote opgaven op het gebied van waterveiligheid, zoetwater­beschikbaarheid en een klimaatbestendige inrichting. De maatregelen die daarvoor zijn opgenomen in het Deltaprogramma liggen goed op schema. Om de ruimtelijke inrichting van Nederland tijdig klimaatbestendig en waterrobuust te maken, is echter extra inspanning noodzakelijk. Het nieuwe Deltaplan Ruimtelijke adaptatie is daarvoor bedoeld: dit deltaplan leidt tot extra maat­regelen om tot de benodigde versnelling te komen vanwege de urgentie van deze opgave.


top vijf van de meest ontwrichtende rampen voor onze samenleving

RIVM, 2016: Nationaal Veiligheidsprofiel 2016, een all hazard overzicht van potentiële rampen en dreigingen die onze samenleving kunnen ontwrichten.

Vooraf: het Deltaprogramma tot nu toe

In 2010 is Nederland, onder regie van de deltacommissaris, begonnen aan een unieke aanpak van deze opgaven: een nationale aanpak met veel ruimte voor en betrokkenheid van regionale partijen (overheden, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en burgers). Op Prinsjesdag 2014 kon het kabinet voorstellen voor deltabeslissingen en voorkeursstrategieën aan de Tweede Kamer voorleggen: structurerende besluiten over het werk aan de delta in de komende decennia. Eind 2014 heeft het Rijk deze als beleid vastgelegd in het Nationaal Waterplan. De koepelorganisaties van provincies, waterschappen en gemeenten onderstreepten hun commitment aan de gekozen aanpak door de Bestuursovereenkomst Deltaprogramma te ondertekenen, met de afspraak om te bevorderen dat hun leden de deltabeslissingen en voorkeursstrategieën in hun eigen plannen vastleggen. Daarmee beschikt Nederland over de kaders en het kompas om tijdig maatregelen te treffen.

Essentieel onderdeel van het Deltaprogramma is het concept van adaptief deltamanagement: vooruitkijken naar de opgaven die voor ons liggen, gezamenlijk de benodigde maatregelen bepalen en steeds checken of we in het goede tempo en in de goede richting werken. Zo is het mogelijk voortgang te blijven boeken én recht te doen aan de onzekerheden over klimaat­verandering en sociaaleconomische trends. Van belang daarbij is de in het Deltaprogramma ontwikkelde systematiek van ‘meten, weten, handelen’. De adaptieve aanpak ligt ten grondslag aan zowel de deltabeslissingen als de voorkeurs­strategieën voor IJsselmeergebied, Rijnmond-Drechtsteden, Rijn, Maas, Zuidwestelijke Delta, Kust, Waddengebied en Hoge Zandgronden.

Conform de met de Deltawet gewijzigde Waterwet doet de deltacommissaris ieder jaar een voorstel voor het Delta­programma. Onderdeel daarvan is een voorstel voor de programmering van maatregelen in het Deltaplan Water­veiligheid en het Deltaplan Zoetwater. Deltaprogramma 2018 (DP2018) bevat voor het eerst ook een voorstel voor het nieuwe Deltaplan Ruimtelijke adaptatie, gericht op een klimaat­bestendige en water­robuuste inrichting van ons land.


voorstel voor de programmering van maatregelen

Voor de eerste zes jaar in detail en de twaalf jaar daarna op hoofdlijnen, met een doorkijk naar 2050.

Voortgang van het werk aan de delta

Een veilige en duurzame delta is voor Nederland van fundamenteel belang. Het werken daaraan is nooit af. Het Deltaplan Waterveiligheid en het Deltaplan Zoetwater hebben de afgelopen jaren een stevige basis gelegd voor de verbetering van de veiligheid tegen overstromingen en de beschikbaarheid van zoetwater. De partijen binnen het Deltaprogramma werken koersvast en in tempo verder aan de uitvoering van de afgesproken maatregelen om de opgaven het hoofd te bieden. Hoewel de horizon daarbij 2050 is, is doorwerken urgent: we moeten weerbaar blijven tegen stijgende waterspiegels en Nederland zo inrichten dat we kostbare zoetwaterstromen optimaal kunnen benutten, onaanvaardbare wateroverlast en hittestress in het bebouwde gebied beperken. Het is daarbij onontbeerlijk te zoeken naar oplossingen die meerdere belangen dienen en opgaven verbinden om tot uitvoerbare en doelmatige maatregelen te komen. Dat stelt Nederland niet alleen voor een technologische uitdaging, maar vooral ook voor maatschappelijke vraagstukken, die tot in het hart van onze steden reiken.

Als onderdeel van de adaptieve aanpak volgt het Delta­programma nauwgezet of externe ontwikkelingen – bijvoorbeeld in het klimaat of sociaaleconomische omstandig­heden – van invloed kunnen zijn op het tempo of de richting van de afgesproken voorkeursstrategieën. Daarmee is vast te stellen of het Deltaprogramma ‘op koers’ ligt of dat er aanleiding is om van richting te veranderen door doelen of maatregelen te heroverwegen. Op dit moment ligt het Deltaprogramma nog goed op koers. Wel blijkt uit nieuwe wetenschappelijke inzichten van het KNMI dat de voorspelde zeespiegelstijging en toename van neerslag in piekbuien (frequentie en intensiteit) zich mogelijk sneller voltrekken dan tot nu toe in de deltascenario’s is aangenomen. De zware neerslag door buienclusters in de zomer van 2016 in Zuidoost-Nederland past in dit beeld. De urgentie voor het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie neemt daarmee toe. Volgend jaar brengt Deltaprogramma 2019 de mogelijke impact van versnelde zeespiegelstijging concreter in beeld, vooruitlopend op de publicatie van de nieuwe KNMI-scenario’s in 2021. De mogelijke toename van zware buien wordt eveneens verder onderzocht.


de voorspelde zeespiegelstijging en toename van neerslag in piekbuien (frequentie en intensiteit) zich mogelijk sneller voltrekken dan tot nu toe in de deltascenario’s is aangenomen.

Het voorliggende Deltaprogramma 2018 laat zien dat de uitvoering van de Deltaplannen goed ‘op schema’ ligt. De geplande maatregelen komen grotendeels binnen de afgesproken tijd en het afgesproken budget tot stand. Sinds 1 januari 2017 is de wettelijke verankering van de nieuwe normen voor waterveiligheid en het bijbehorende instrumentarium een feit: een belangrijke mijlpaal en een voorwaarde om de bescherming tegen hoogwater in de komende decennia volgens de nieuwe normen op een hoger plan te brengen. Nederland wordt veiliger.

Waterschappen, gemeenten, provincies en Rijk werken sinds de start van het Deltaprogramma op een vernieuwende manier samen, met inbreng van kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven en burgers. De onafhankelijke commissie die in 2016 de Deltawet heeft geëvalueerd, concludeert dat het Deltaprogramma met deze werkwijze “zeer goed, grotendeels conform de hoge verwachtingen en ambities van de wetgever” functioneert. Als aandachtspunten voor de komende tijd benoemt de evaluatiecommissie onder meer het versterken van de integraliteit van de maatregelen en de participatie van alle relevante partijen. Deltaprogramma 2018 geeft daarom voor het eerst ook de voortgang voor deze twee aspecten weer.

Deltaplan Ruimtelijke adaptatie

Wateroverlast door hevige neerslag is in Nederland vaker waar te nemen. Extreme neerslaggebeurtenissenzullen in de toekomst nog vaker optreden dan nu: tot vijf keer zo vaak in 2050 en tot tien keer zo vaak in 2085 (op basis van de KNMI’14-klimaatscenario’s). Ook is al in de praktijk gebleken dat dergelijke buien grote economische schade kunnen veroor­zaken. In ons land veroorzaakte de zogeheten supercell (regen, windstoten en hagel) in en om Someren in 2016 honderden miljoenen euro’s schade. Ook hitte en droogte stellen Nederland voor grotere problemen en schade. Als we niets doen, kan de schade door wateroverlast, hitte, droogte en overstromingen in de stad oplopen tot zo’n € 70 miljard in de periode tot 2050. Uit de tussentijdse evaluatie van de delta­beslissing Ruimtelijke adaptatie blijkt dat de implementatie goed is gestart, maar dat de huidige aanpak de partijen te weinig prikkelt om ervoor te zorgen dat ruimtelijke adaptatie vanaf 2020 onlosmakelijk onderdeel is van beleid en uitvoering. Daardoor halen we de eerder gestelde doelen niet. Uit de evaluatie van de Deltawet (Op peil, 1 juli 2016) bleek eerder al dat ruimtelijke adaptatie nog een grote mate van vrijblijvendheid kent en dat er grote verschillen zijn tussen regio’s en gemeenten, zowel in bewustwording als in analyse en aanpak.


Extreme neerslaggebeurtenissenzullen in de toekomst nog vaker optreden dan nu

periode tot 2050

Deltares-rapport 1205463-000: Schades door watertekorten en -overschotten in stedelijk gebied (zie https://ruimtelijkeadaptatie.nl/resultaten-dpnh/resultaten-dpnh/).

Deze ontwikkelingen waren aanleiding om dit jaar een Deltaplan Ruimtelijke adaptatie op te stellen binnen het Deltaprogramma. Het doel van dit deltaplan is Nederland weerbaar te maken tegen extreme weersomstandigheden door de gevolgen van overstromingen, droogte, hitte en water­overlast zo veel mogelijk te beperken. Het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie voorziet in een planmatige aanpak om op lokaal en regionaal niveau tot maatregelen voor een klimaatbestendige inrichting te komen.

In december 2016 heeft de Ministerraad de Nationale klimaat­adaptatie­strategie (NAS) 2016 vastgesteld. De NAS bestrijkt klimaatadaptatie in de volle breedte. De samenhang met het Deltaprogramma is dat het Deltaprogramma een groot deel van de adaptatieopgave – de opgave die voortkomt uit water­overlast, hitte, droogte en overstromingen – invult. Naast de aanpassingen aan klimaatverandering (klimaatadaptatie) is het beperken van de klimaatverandering (klimaatmitigatie) van groot belang om ‘dweilen met de kraan open’ te voorkomen. Mitigatie en adaptatie zijn deels communicerende vaten. Maar ook bij succesvolle mitigatie zullen de effecten van klimaat­verandering nog lang na-ijlen, zodat adaptatie noodzakelijk blijft. 

Cybersecurity en een veilige delta

Het belang van cybersecurity mag niet worden onderschat (zie ook het advies daarover van Herna Verhagen op verzoek van de Cyber Security Raad: “Nederland digitaal droge voeten”). Nederland is afhankelijk van vele ICT-systemen die vitale processen aansturen, ook op het gebied van waterveiligheid en zoetwatervoorziening. Een cyberaanval op deze systemen kan bijvoorbeeld tot uitval van een gemaal, sluis of stormvloed­kering leiden, met potentieel ernstige gevolgen. Het is daarom van cruciaal belang om de betrouwbaarheid van dergelijke ICT- en datasystemen te waarborgen. De deltacommissaris heeft dit onderwerp bij de waterbeheerders onder de aandacht gebracht en hen geadviseerd door te pakken met de beveiliging van cruciale ICT-systemen in het waterbeheer tegen cyber­gerelateerde dreigingen en deze beveiliging op een hoger plan te brengen. Er gebeurt nu al veel. Cybersecurity is echter een strijd die continu schakelen, bewustzijn en alertheid vraagt. De wereldwijde problemen die ontstonden na een aanval met de gijzelingssoftware Wannacry in mei 2017 lieten dat zien.

Doorwerken aan een veilige en duurzame delta

Recente inzichten in klimaatverandering maken de tijdige uitvoering van het Deltaprogramma nog urgenter en vragen op sommige punten extra inzet. De verwachte weers­verande­ringen lijken zich sneller te voltrekken dan eerder gedacht. Dat vraagt blijvende alertheid op nieuwe ontwikkelingen, gedegen kennis­ontwikkeling en kennis­uitwisseling, een betrouwbaar en gezond financieel fundament om de uitvoering op schema te houden. Duurzaam omgaan met onze delta vraagt inzet van en intensieve samenwerking tussen (en binnen) alle betrokken partijen. Niet alleen van overheden, maar ook van burgers en bedrijven. Dat geldt voor alle opgaven van het Delta­programma: voor water­veiligheid, voor zoetwater­voorziening en voor een klimaat­bestendige inrichting van Nederland.

Er zijn slimme maatregelen en slimme verbindingen nodig om op tijd gesteld te staan voor de toekomstige opgaven met het beschikbare budget. Daarom blijft het Deltaprogramma innovaties stimuleren, onder meer via de Topsector Water, en kennis vermeerderen via het Nationaal Kennis- en Innovatie­programma Water en Klimaat. Ook is het noodzakelijk de opgaven van het Deltaprogramma te koppelen met de andere grote opgaven en ambities waar Nederland voor staat, zoals de energietransitie en de transitie naar een circulaire economie. Zo werken we op een efficiënte manier door aan een veilige en duurzame delta. Internationaal is Nederland op dit gebied een koploper.

  1. Aanbiedingsbrief en adviezen deltacommissaris
  2. Inleidende samenvatting
    1. Doorwerken aan een duurzame en veilige delta
  3. Deel I Nationaal
  4. Voortgang van het Deltaprogramma
    1. Voortgang op basis van ‘meten, weten, handelen’
    2. Algemeen beeld van de voortgang
      1. Op schema
      2. Op koers
      3. Integrale aanpak
      4. Participatie
      5. Slagkracht van de regio’s
    3. Voortgang Waterveiligheid
    4. Voortgang Ruimtelijke adaptatie
    5. Voortgang Zoetwater
    6. Borging, kennis en innovatie, internationale samenwerking
      1. Borging
      2. Kennis
      3. Innovatie
      4. Internationaal
  5. Deltafonds
    1. Ontwikkelingen Deltafonds
    2. Middelen van andere partners
    3. De financiële opgaven van het Deltaprogramma
    4. Financiële borging van het Deltaprogramma
  6. Deel II Gebieden
  7. Voortgang per gebied
    1. IJsselmeergebied/zoetwaterregio IJsselmeergebied
    2. Rijnmond-Drechtsteden/­zoetwaterregio West-Nederland
    3. Rijn/zoetwaterregio Rivierengebied
    4. Maas
    5. Zuidwestelijke Delta/zoetwaterregio Zuidwestelijke Delta
    6. Kust
    7. Waddengebied
    8. Hoge Zandgronden Zuid en Oost
  8. Deel III Deltaplannen
  9. Deltaplan Waterveiligheid
    1. Uitvoeringsprogramma’s
      1. Hoogwaterbeschermingsprogramma
      2. Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma
      3. Ruimte voor de Rivier
      4. Maaswerken
      5. WaalWeelde
      6. Afsluitdijk
      7. Herstel Steenbekledingen Oosterschelde en Westerschelde en Vooroeverbestortingen Zeeland
    2. Rivierverruiming in samenhang met dijkversterking
    3. Onderzoeken volgend uit kennisagenda en in gebieden
  10. Kaart Deltaplan Waterveiligheid
  11. Deltaplan Zoetwater
    1. Maatregelen voor de beschikbaarheid van zoetwater in Nederland
  12. Kaart Deltaplan Zoetwater
  13. Deltaplan Ruimtelijke adaptatie
    1. Inleiding
      1. Aanleiding
      2. Doel en status van het deltaplan
      3. Totstandkoming in gezamenlijkheid
    2. Context
    3. Stand van zaken ‘weten, willen, werken’
      1. Wateroverlast
      2. Hittestress
      3. Droogte
      4. Gevolgen van overstromingen
      5. Huidige aanpak
    4. Wat we gaan doen: versnellen en intensiveren
      1. Visie: van nu naar 2050
      2. Ambitie en aanpak
      3. Tussendoelen
      4. Raamwerk landsdekkende governance ruimtelijke adaptatie
      5. Financiering
    5. Bijlage 1: Actieprogramma
    6. Bijlage 2: Uitkomsten regiobijeenkomsten en rondetafelgesprekken
  14. Achtergronddocumenten
    1. Achtergronddocumenten en downloads
  15. Colofon
    1. Colofon Deltaprogramma 2018
  16. Instructie gebruik Deltaprogramma 2018