7.3.4

Gevolgen van overstromingen

De kans is klein, de gevolgen zijn groot

De kans op een overstroming vanuit zee, de grote rivieren of de grote meren is in Nederland zeer klein, maar als zo’n over­stroming optreedt zijn de gevolgen heel groot. De kans op een overstroming vanuit de regionale wateren is groter, maar de gevolgen zijn ook minder ingrijpend (met uitzondering van de diepe polders die door regionale keringen beschermd worden: daar zijn de risico’s wel groot, zeker als er sprake is van veendijken). In het verleden werd bij de inrichting van het land rekening gehouden met overstromingen, bijvoorbeeld door een hoge vestigingsplaats te kiezen of te maken. In de loop van de tijd verschoof de aandacht in het overstromingsrisicobeheer naar het verhogen en versterken van dijken en meer ruimte voor de rivieren. Ondanks de sterke dijken en ruimere rivieren blijft het echter van belang om rekening te houden met de gevolgen van een overstroming door de schade, het aantal slachtoffers en de maatschappelijke ontwrichting te beperken als er toch een overstroming optreedt en de waterrobuustheid van stedelijke en landelijke gebieden te vergroten. Daarmee zijn op lange termijn mogelijk ook dijkverbeteringen en rivierverruimingen te beperken. 

Eerste stappen

Uit de evaluatie van de deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie blijkt dat weinig partijen de urgentie voelen om de gevolgen van overstromingen te beperken door ruimtelijke aanpassingen. Dit komt doordat de kans op een overstroming klein is en partijen zich geen eigenaar voelen van het probleem. In de City Deal Klimaatadaptatie delen Zwolle, Amsterdam, Rotterdam en Dordrecht ervaringen met de inrichting van waterrobuuste gebieden. Het project Marken heeft ontwerpen opgeleverd voor een waterrobuuste inrichting van het eiland. Belemmeringen op het gebied van urgentie­gevoel en financiering leiden ertoe dat de stap naar uitvoering nog niet tot stand komt.

Gevolgen voor nationale vitale en kwetsbare functies beperken

De afgelopen tijd zijn wel stappen gezet om nationale vitale en kwetsbare functies beter bestand te maken tegen over­stromingen, met name op het gebied van ‘weten’ en ‘willen’. Vitale en kwetsbare functies zijn bijvoorbeeld energievoor­ziening (waaronder elektriciteit), communicatie (telecom/ICT), transport, gezondheid, chemische industrie en de waterketen. De ‘waterrobuuste inrichting’ verschilt per functie. Ministeries formuleren samen met de betreffende sector een aanpak en bepalen welke maatregelen voor de functie noodzakelijk en proportioneel zijn. Het Deltaprogramma coördineert de gezamenlijke aanpak, zodat de ministeries veelal dezelfde methodiek en hetzelfde tijdpad volgen. Ook werken de partijen zo veel mogelijk met dezelfde overstromings­scenario’s en onderkennen ze de onderlinge afhankelijk­heden tussen de afzonderlijke vitale en kwetsbare functies. 

Afbakening: alleen waar de overstromingsdiepte beperkt blijft

Of aanpassingen kansrijk zijn, hangt onder andere af van de kenmerken van het gebied. Gemeenten zullen met water­schappen en provincies door middel van stresstesten in beeld brengen wat er gebeurt als een kering faalt. In diepe polders is het vaak duur om maatregelen te treffen die de gevolgen beperken. In dat geval is inzetten op evacuatie effectiever. Maatregelen om de gevolgen bij grote overstromings­diepten te beperken hangen vaak sterk samen met de opgave voor de waterkeringen. Daarom wordt in 2018 uitgewerkt hoe het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie en het Deltaplan Water­veiligheid te verbinden zijn. Ruimtelijke aanpassingen zijn vooral (kosten)effectief als de overstromingsdiepte hooguit enkele decimeters bedraagt. Dan zijn bovendien vaak tegelijkertijd de gevolgen van wateroverlast te beperken: hoewel wateroverlast veel vaker voorkomt dan een overstroming, zijn de adaptatieoplossingen vergelijkbaar. Omdat de gevolgen van overstromingen sterk van plaats tot plaats verschillen, is een nationale norm of landelijk doel voor gevolgenbeperking van overstromingen (meerlaagsveiligheid tweede laag) niet op zijn plaats. Hiervoor past het om op lokale of regionale schaal met de partners tot een gezamenlijke ambitie te komen.

  1. Aanbiedingsbrief en adviezen deltacommissaris
  2. Inleidende samenvatting
    1. Doorwerken aan een duurzame en veilige delta
  3. Deel I Nationaal
  4. Voortgang van het Deltaprogramma
    1. Voortgang op basis van ‘meten, weten, handelen’
    2. Algemeen beeld van de voortgang
      1. Op schema
      2. Op koers
      3. Integrale aanpak
      4. Participatie
      5. Slagkracht van de regio’s
    3. Voortgang Waterveiligheid
    4. Voortgang Ruimtelijke adaptatie
    5. Voortgang Zoetwater
    6. Borging, kennis en innovatie, internationale samenwerking
      1. Borging
      2. Kennis
      3. Innovatie
      4. Internationaal
  5. Deltafonds
    1. Ontwikkelingen Deltafonds
    2. Middelen van andere partners
    3. De financiële opgaven van het Deltaprogramma
    4. Financiële borging van het Deltaprogramma
  6. Deel II Gebieden
  7. Voortgang per gebied
    1. IJsselmeergebied/zoetwaterregio IJsselmeergebied
    2. Rijnmond-Drechtsteden/­zoetwaterregio West-Nederland
    3. Rijn/zoetwaterregio Rivierengebied
    4. Maas
    5. Zuidwestelijke Delta/zoetwaterregio Zuidwestelijke Delta
    6. Kust
    7. Waddengebied
    8. Hoge Zandgronden Zuid en Oost
  8. Deel III Deltaplannen
  9. Deltaplan Waterveiligheid
    1. Uitvoeringsprogramma’s
      1. Hoogwaterbeschermingsprogramma
      2. Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma
      3. Ruimte voor de Rivier
      4. Maaswerken
      5. WaalWeelde
      6. Afsluitdijk
      7. Herstel Steenbekledingen Oosterschelde en Westerschelde en Vooroeverbestortingen Zeeland
    2. Rivierverruiming in samenhang met dijkversterking
    3. Onderzoeken volgend uit kennisagenda en in gebieden
  10. Kaart Deltaplan Waterveiligheid
  11. Deltaplan Zoetwater
    1. Maatregelen voor de beschikbaarheid van zoetwater in Nederland
  12. Kaart Deltaplan Zoetwater
  13. Deltaplan Ruimtelijke adaptatie
    1. Inleiding
      1. Aanleiding
      2. Doel en status van het deltaplan
      3. Totstandkoming in gezamenlijkheid
    2. Context
    3. Stand van zaken ‘weten, willen, werken’
      1. Wateroverlast
      2. Hittestress
      3. Droogte
      4. Gevolgen van overstromingen
      5. Huidige aanpak
    4. Wat we gaan doen: versnellen en intensiveren
      1. Visie: van nu naar 2050
      2. Ambitie en aanpak
      3. Tussendoelen
      4. Raamwerk landsdekkende governance ruimtelijke adaptatie
      5. Financiering
    5. Bijlage 1: Actieprogramma
    6. Bijlage 2: Uitkomsten regiobijeenkomsten en rondetafelgesprekken
  14. Achtergronddocumenten
    1. Achtergronddocumenten en downloads
  15. Colofon
    1. Colofon Deltaprogramma 2018
  16. Instructie gebruik Deltaprogramma 2018