2.2.2

Op koers

Het Deltaprogramma ligt op koers. De uitvoering van de afgesproken maatregelen verloopt voor het overgrote deel conform planning en waar vertraging optreedt, brengt dat het doelbereik vooralsnog niet in gevaar. Met regelmaat wordt onderzocht of bijstelling van de koers nodig is vanwege externe ontwikkelingen. De analyses die de Signaalgroep in gang heeft gezet, geven daar de komende jaren meer inzicht in. De Signaalgroep bestaat uit deskundigen van Rijkswaterstaat, Planbureau voor de Leefomgeving, KNMI, Deltares en Wageningen Universiteit en staat onder leiding van Staf deltacommissaris. Het Deltaprogramma werkt aan een verdere concretisering van de voorkeursstrategieën en benoemt tussendoelen of ijkmomenten voor de periode van 2020 tot 2050. Dat is nodig om vast te stellen of externe ontwikkelingen bijstelling van de voorkeursstrategieën nodig maken. De voorstellen voor eventuele bijstelling, op basis van de resultaten van deze concretisering, komen in Deltaprogramma 2019 te staan.

Besprekingen in de Signaalgroep in het voorjaar van 2017 hebben een eerste overzicht van externe ontwikkelingen opgeleverd. Daaraan voorafgaand heeft Staf deltacommissaris een groep deskundigen van buiten de waterwereld via de Delphi-methode naar relevante ontwikkelingen gevraagd (zie kader), om een brede kijk in de Signaalgroep te stimuleren. Uit het eerste overzicht van de Signaalgroep komen twee potentieel belangrijke ontwikkelingen naar voren:

  • mogelijke versnelling van de zeespiegelstijging;
  • toenemende zware buien met schade door neerslag, hagel en windstoten (supercells).

Metingen en nieuw onderzoek geven aanwijzingen voor een grotere zeespiegelstijging dan in de deltascenario’s is aangenomen. Het IPCC moet dit nog wetenschappelijk bekrachtigen en het KNMI zal dit in 2021 in nieuwe prognoses voor de Nederlandse kust moeten vertalen. Daarop vooruit­lopend brengt de Signaalgroep de mogelijke consequenties voor het Deltaprogramma al oriënterend in beeld. De resultaten komen in Deltaprogramma 2019 te staan. De toename van zware buien is al zichtbaar in metingen en toekomstprognoses en is fysisch te verklaren. Deze ontwikkeling is een van de aanleidingen voor het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie en krijgt een plaats in de onderzoekslijn Klimaatbestendige stad. De deltacommissaris is via expertmeetings in gesprek met weerpresentatoren over klimaatverandering, de doorwerking in de extremen van het weer en de mogelijke gevolgen voor Nederland en de communicatie daarover.


Delphi: top vijf van externe ontwikkelingen

De organisaties die deelnemen aan de Signaalgroep zijn gespecialiseerd in het fysieke domein (zoals klimaatverandering en waterhuishouding); daar liggen ook de belangrijkste opgaven van het Deltaprogramma. Bij het signaleren van relevante ontwikkelingen zal de Signaalgroep zich logischerwijs ook richten op ontwikkelingen in het fysieke domein. Om te voorkomen dat andersoortige ontwikkelingen, zoals maatschappelijke trends, buiten beeld blijven en om de Signaalgroep bij de start een brede basis mee te geven, heeft het Deltaprogramma de hulp van twintig deskundigen van buiten de waterwereld ingeroepen.

Deze externe deskundigen, die uit de wereld van de overheid, wetenschap en maatschappelijke organisaties komen, hebben via de zogenoemde Delphi-methode meegedacht over externe ontwikkelingen die grote impact kunnen hebben op de voorkeurs­strategieën van het Deltaprogramma. Met deze methode krijgen deskundigen in enkele rondes een aantal vragen die zij op persoonlijke titel en op basis van parate kennis en eigen ervaringen anoniem beantwoorden. Dit zijn de vijf meestgenoemde ontwikkelingen:

1. Versnelde klimaatverandering
Versnelde klimaatverandering heeft impact op alle thema’s van het Deltaprogramma, onder meer door de afname van spui­mogelijkheden, beperkingen voor vervoer over water (vaker te lage en te hoge waterstanden) en langere perioden van zoetwaterschaarste dan waar nu rekening mee gehouden wordt.  

2. Informatietechnologische ontwikkelingen
Nieuwe technologische ontwikkelingen bieden enerzijds kansen voor het Deltaprogramma, bijvoorbeeld door nieuwe typen maatregelen, efficiëntere monitoring en nieuwe communicatiemogelijkheden. Anderzijds kan het watersysteem kwetsbaarder worden voor stroom- en ICT-storingen, hackaanvallen en terroristische aanslagen.

Het belang van cybersecurity mag niet worden onderschat. Nederland is afhankelijk van vele ICT- systemen die vitale processen aansturen, ook op het gebied van waterveiligheid en zoetwatervoorziening. Een cyberaanval op deze systemen kan bijvoorbeeld tot uitval van een gemaal, sluis of stormvloedkering leiden, met potentieel ernstige gevolgen. De deltacommissaris heeft dit onderwerp bij de waterbeheerders onder de aandacht gebracht en hen geadviseerd door te pakken met de beveiliging van cruciale ICT-systemen in het waterbeheer tegen cybergerelateerde dreigingen.  

3. Energietransitie
De Delphi-respondenten vragen aandacht voor de mogelijkheden om de bijdrage van het waterbeheer aan de energietransitie te vergroten. De waterbeheerders onderkennen de bijdrage die het waterbeheer kan leveren aan de energietransitie en werken samen om deze verder te vergroten. Het gaat hierbij om bijdragen aan energiewinning en -opslag en vermindering van het energieverbruik. Dit sluit aan bij de ambitie van het ministerie van Infrastructuur en Milieu om de infrastructuur die Rijkswaterstaat in beheer heeft (wegen, vaarwegen, waterkeringen, sluizen, bruggen) in 2030 volledig energieneutraal te laten draaien. Rijkswaterstaat en de waterschappen hebben eind 2016 – naast de al lopende Green Deal – een energiecoalitie gesloten om de energiedoelstellingen sneller te realiseren. De energietransitie zal de komende decennia, samen met klimaatadaptatie, een stempel drukken op de ruimtelijk ontwikkeling. Dit is ook zichtbaar in de investeringsagenda die gemeenten, provincies en waterschappen voor de kabinetsformatie hebben opgesteld. Daarnaast leidt de energie­transitie tot een ander palet van vitale en kwetsbare infrastructuur, door de overgang van fossiele brandstoffen naar groenere en meer lokaal opgewekte energie.  

4. Energieke samenleving
Met de opkomst van de energieke samenleving zullen de opgaven van het Deltaprogramma minder via een ambtelijk en bestuurlijk proces tot stand komen en meer via particulier initiatief van burgers, bedrijven en boeren. Delphi-respondenten voorzien dat ook verzekeraars en pensioenfondsen daarbij een rol zullen spelen, via maatschappelijk mede-acteren en investeren. 

5. Circulaire economie
In een circulaire economie is water te zien als economisch schaars goed en als een drager voor economische welvaart. Dat vraagt meer aandacht voor het sluiten van kringlopen en de verdeling van water over Nederland in de zoetwaterstrategieën.

De Signaalgroep heeft deze ontwikkelingen meegenomen in haar inventarisatie. Op basis van de gehanteerde criteria (de ontwikkeling is waargenomen in metingen, er zijn prognoses die aangeven dat de ontwikkeling zich in de toekomst zal voortzetten en er is een causale verklaring voor het optreden van de ontwikkeling) heeft de Signaalgroep geconstateerd dat alleen de eerste van deze vijf ontwikkelingen dwingend leidt tot het opnieuw bezien en eventueel aanpassen van de voorkeursstrategieën. Het Deltaprogramma laat de overige vier ontwikkelingen wel verder uitwerken om te bezien of het Deltaprogramma kansen onbenut laat om de voorkeursstrategieën te combineren met deze ontwikkelingen.



investeringsagenda
  1. Aanbiedingsbrief en adviezen deltacommissaris
  2. Inleidende samenvatting
    1. Doorwerken aan een duurzame en veilige delta
  3. Deel I Nationaal
  4. Voortgang van het Deltaprogramma
    1. Voortgang op basis van ‘meten, weten, handelen’
    2. Algemeen beeld van de voortgang
      1. Op schema
      2. Op koers
      3. Integrale aanpak
      4. Participatie
      5. Slagkracht van de regio’s
    3. Voortgang Waterveiligheid
    4. Voortgang Ruimtelijke adaptatie
    5. Voortgang Zoetwater
    6. Borging, kennis en innovatie, internationale samenwerking
      1. Borging
      2. Kennis
      3. Innovatie
      4. Internationaal
  5. Deltafonds
    1. Ontwikkelingen Deltafonds
    2. Middelen van andere partners
    3. De financiële opgaven van het Deltaprogramma
    4. Financiële borging van het Deltaprogramma
  6. Deel II Gebieden
  7. Voortgang per gebied
    1. IJsselmeergebied/zoetwaterregio IJsselmeergebied
    2. Rijnmond-Drechtsteden/­zoetwaterregio West-Nederland
    3. Rijn/zoetwaterregio Rivierengebied
    4. Maas
    5. Zuidwestelijke Delta/zoetwaterregio Zuidwestelijke Delta
    6. Kust
    7. Waddengebied
    8. Hoge Zandgronden Zuid en Oost
  8. Deel III Deltaplannen
  9. Deltaplan Waterveiligheid
    1. Uitvoeringsprogramma’s
      1. Hoogwaterbeschermingsprogramma
      2. Tweede Hoogwaterbeschermingsprogramma
      3. Ruimte voor de Rivier
      4. Maaswerken
      5. WaalWeelde
      6. Afsluitdijk
      7. Herstel Steenbekledingen Oosterschelde en Westerschelde en Vooroeverbestortingen Zeeland
    2. Rivierverruiming in samenhang met dijkversterking
    3. Onderzoeken volgend uit kennisagenda en in gebieden
  10. Kaart Deltaplan Waterveiligheid
  11. Deltaplan Zoetwater
    1. Maatregelen voor de beschikbaarheid van zoetwater in Nederland
  12. Kaart Deltaplan Zoetwater
  13. Deltaplan Ruimtelijke adaptatie
    1. Inleiding
      1. Aanleiding
      2. Doel en status van het deltaplan
      3. Totstandkoming in gezamenlijkheid
    2. Context
    3. Stand van zaken ‘weten, willen, werken’
      1. Wateroverlast
      2. Hittestress
      3. Droogte
      4. Gevolgen van overstromingen
      5. Huidige aanpak
    4. Wat we gaan doen: versnellen en intensiveren
      1. Visie: van nu naar 2050
      2. Ambitie en aanpak
      3. Tussendoelen
      4. Raamwerk landsdekkende governance ruimtelijke adaptatie
      5. Financiering
    5. Bijlage 1: Actieprogramma
    6. Bijlage 2: Uitkomsten regiobijeenkomsten en rondetafelgesprekken
  14. Achtergronddocumenten
    1. Achtergronddocumenten en downloads
  15. Colofon
    1. Colofon Deltaprogramma 2018
  16. Instructie gebruik Deltaprogramma 2018